Voorpublicatie / studiebijbel
Psalm 89:27-34
410
566
27 SV Hij zal Mij noemen: Gij zijt mijn Vader! mijn God, en de Rotssteen van mijn heil! || NBG tot Mij zeggen: ... de rots || WV Hij roept tot Mij: “Mijn vader bent U, ... die mij redt.” || GNB mijn behoud. 28 SV Ook zal Ik hem tot een eerstgeboren zoon stellen, tot een hoogste over de koningen der aarde. || WV tot mijn eersteling, verheven boven 29 SV Ik zal hem Mijn goedertierenheid in eeuwigheid houden, en Mijn verbond zal hem vast blijven. || WV bewaar Ik mijn liefde voor hem, Ik blijf mijn verbond met hem trouw: || GNB Hij verliest mijn liefde nooit, ... zal ik niet verbreken. || NBV zal hem altijd beschermen, hecht is mijn verbond met hem. 30 SV En Ik zal zijn zaad in eeuwigheid zetten, en zijn troon als de dagen der hemelen. || NBG zijn nakroost ... voor immer doen voortbestaan, || WV zijn dynastie houd Ik voorgoed staande, ... duurt als de hemel. || GNB Zijn geslacht ... zolang het dag wordt aan de hemel zal zijn troon niet wankelen. 31 SV Indien zijn kinderen Mijn wet verlaten, en in Mijn rechten niet wandelen; || NBG zijn zonen ... mijn verordeningen || GNB Overtreden zijn nakomelingen mijn geboden, leven ze niet volgens mijn wil, || NBV zich afkeren van ... niet leven naar mijn voorschriften, 32 SV Indien zij Mijn inzettingen ontheiligen, en Mijn geboden niet houden; || WV mijn geboden ... aan wat Ik beveel, || GNB schenden ze mijn wetten, storen ze zich niet aan mijn voorschriften, 33 SV Zo zal Ik hun overtreding met de roede bezoeken, en hun ongerechtigheid met plagen. || WV hun ontrouw ... straffen, hun zonde met slagen betalen. || GNB straffen om hun opstandigheid, hen met rampen treffen om hun misdaden. || NBV hen tuchtigen voor hun misdaden, 34 SV Maar Mijn goedertierenheid zal Ik van hem niet wegnemen, en
Dit is een voorpublicatie uit deel 7 van de serie Studiebijbel Oude Testament
859 1 7121 1931
yilE' hAGtA'
mijn God
1060
'ElÓ
'oTT‰
yibA'
'AbÓ
U mijn vader zal Mij noemen
yiqrA'EnÓ
y«nE'flrŸq«y '˚h
Hij
3444
27
6697
h˚'
rÙk¸–b y«nA'-•a'
eerstgeborene
B¸kÙr 'ap-'AnÓ
637 + 589
28
:yitAv˚HÃy
y¸H˚vAtÓ:
5945
Ook Ik
4428 + 776
mijn verlossing en de rots van
5414
w¸c˚r
r˚cÃw
:¶ÂrA'-yEk¸lam¸l
l¸malkÍ-'Arec:
2617
§Ùy¸lev
velyÙn
8104 + 8705
van koningen van aarde allerhoogste Ik zal hem aanstellen
'eTT¸nEh˚
˚h≈n¸Gte'
yÊ–d¸sax
xasDÓ
8705
Ùl-rwAm¸He'
'eHmAwr-lÙ
539
£AlÙv¸l
l¸vÙlAm
5769
29
1285
mijn verbondsliefde Ik zal bewaren voor hem Voor eeuwig
magazine
:Ùl
lÙ:
3678 2233
voor hem is vast gemaakt/verzekerd en mijn verbond
ne'Èmenet
t∆nemÈ'∆n
7760
yityÊr¸b˚
˚b¸rÓtÓ
22 2
Studiebijbel
en zijn troon zijn nageslacht voor altijd En Ik zal stellen
w¸kis'Ù
1121
Ù'¸sikÃw
ÙvËr¬z
zarvÙ
518 + 5800
davAl
lAvad
5703
w¸WamTÓ
yiGt¸maWÃw
30
3117
zijn zonen Als zullen verlaten
3808
bAnAyw
wy√nAb
'im-yavazb˚
˚bÃzav¬y-£i'
31
4941
HAmAyim:
:£«yAmAH
8064
yEmyi–k
KÓmÍ
8451
hemel als dagen van
'◊l
lO'
2490
niet en in mijn rechten/beslissingen/oordelen mijn onderwijzing/wet
˚b¸miHPAXay
yaXAKp¸Him¸b˚
yitflrÙGt
TÙrAtÓ
3212
zij zullen ontheiligen Als mijn inzettingen
y¸xallEl˚
˚lEGlaxÃy
'im-xuqqOtay
yatO–qux-£i'
518 + 2708
32
8104 3808
zij zullen wandelen
yElEk˚n:
4687
:§˚kEl≈y
33
5061 6588
:˚rOm¸H«y '◊l
zij zullen onderhouden
yiHmOr˚: lO'
7626
niet en mijn geboden
˚micwOtay
yatOw¸cim˚
6485
en met slagen hun overtreding met staf Dan zal Ik bezoeken/straffen
˚bingAvÓm
£yiv√gÃnib˚
3808 + 6331
£Av¸HiKp XebEH¸b
PiHvAm b¸HEbeX
2617
yiGtËd—qAp˚
˚pAqadTÓ
ryipA'-'◊l
lO'-'ApÓr
Ik zal niet verbreken Maar mijn verbondsliefde
w¸xasDÓ
yÊ–d¸saxÃw
34
hun zonde
v·wOnAm:
:£√nOw·v
5771
Voorpublicatie
567
gang tot zijn Vader en kan Hem aanroepen met woorden als ‘mijn rots’ en ‘mijn verlossing’, uitdrukkingen van diepe verbondenheid (vs.27-28, vgl. vs.7-9).
Psalm 89:27-34
Psalm 89
ontwijden, zal de HERE hen tuchtigen om deze rebellie en deze schuld (vs.30-33).35 Toch betekenen deze straffen niet dat de HERE zijn goedheid afneemt van Davids huis of een einde maakt aan zijn trouw (vs.34).36 Hij zal het verbond niet ontwijden en de gedane beloften niet terugtrekken (vs.35).37 God heeft eens en voor altijd gezworen: zo waar Hij de Heilige is, nooit breekt Hij zijn woord aan David (vs.36; vgl. 132:11).38 De nakomelingen zullen voor altijd gezeten zijn op de troon die altijd voor JHWH blijft staan, net zo blijvend als zon en maan zijn (vs.37-38).39
De belofte over Davids nageslacht (89:29-38) Het verbinden van JHWH’s kenmerken uit het eerste psalmdeel aan Davids koningschap in het tweede psalmdeel is nog niet afgelopen. In de eerste vier verzen klinken de woorden ‘voor altijd’. In vers 5 zijn deze woorden al verbonden met Davids altijd durende dynastie. Vers 29 opent met ‘voor altijd’. God zal voor altijd zijn loyaliteit33 aan David vasthouden en Hij zal Davids troon behouden zoals de dagen aan de hemel,34 een alternatieve zegswijze voor ‘voor altijd’. Het lijkt wel de eeuwigheid van JHWH zelf die een eeuwigdurende dynastie van David waarborgt. Deze absolute toezegging kent echter wel voorwaardelijke kanten. Als de koninklijke nakomelingen ongehoorzaam zijn en JHWH’s wetten en voorschriften naast zich neerleggen en
33 Vgl. vs.2-3, en 25. 34 De hemel wordt vaker
Klacht en bede over deze belofte (89:39-52) Nu de psalmist Gods beloften over Davids huis met veel aanbiddende woorden breed uitgemeten heeft, verandert hij van toon. Hij is verbijsterd over wat er van deze beloften terecht is gekomen. De werkelijkheid geeft een heel ander beeld. De HERE heeft zijn koning verstoten en verworpen. Hij heeft zijn toorn over hem uitgebij bindende eedformules (vgl. 1Sam.3:17; 25:22). De verteller houdt de HERE hier voor dat Hij geen andere mogelijkheid heeft dan zijn woord gestand te doen. Liegen moet hier als een verandering van mening worden opgevat, een verandering zoals we die wel bij mensen vinden, maar niet bij God (vgl. Num.23:19; 1Sam.15:29). 39 Het is niet duidelijk of de betrouwbare getuige in de hemel (w¸vEd BaHHaxaq ne’ÈmAn) moet worden geïdentificeerd met de maan of de zon (of bijvoorbeeld een regenboog, vgl. Gen.9:12-16) of dat het om een derde element in de tekst gaat. De zin kan duiden op de functie van zon en maan die wereldwijd als basis dienen voor tijdsrekening en in die zin betrouwbaar zijn. De vraag hangt samen met de vraag waar het citaat van Gods eed eindigt. Deze omvat wellicht woorden over Davids nakomelingen (vs.37a) en over zijn troon die vast staat als de zon (vs.37b) en eeuwig wordt bevestigd als de maan (vs.38a). Mogelijk is daarna de psalmist zelf weer aan het woord die opmerkt dat dit betrouwbare getuigen in de hemel zijn (vs.38b). Dit zou consistent zijn met zijn strategie om de HERE aan zijn woord te binden. JHWH kan zijn woorden niet intrekken, zelfs indien Hij dat wilde, want in de hemel zijn er getuigen tegen Hem.
als symbool van eeuwigheid genomen in de oudheid. Aan koning Sargon werd toegewenst even lang te leven als de hemel en de aarde. In een zegen over de Assyrische koning Assurbanipal vragen zijn hovelingen dat zijn koningschap sterk mag zijn als de maan en de zon in de hemel. Assurbanipal zelf vraagt de godheid Ea een troon die zo onwankelbaar en zo stevig is als de hemel en de onderwereld. Vgl. ook Ps.72:5,17 en 119:89-91. 35 pAqad heeft een ruim scala aan betekenissen maar betekent hier: straffen (vgl. Jes.25:22; Jer.6:6; 1Sam.15:2). Deze persoonlijke straf, terwijl Gods trouw aan de dynastie wel gehandhaafd wordt, is ook genoemd in 2Sam.7:14. 36 Met de woorden ‘en Ik zal niet ontrouw zijn aan mijn trouw’ wordt duidelijk hoe de psalmist over verbondstrouw denkt. Het annuleren van een verbondsverplichting staat gelijk aan ontrouw. Vgl. 2Tim.2:13. In 2Sam.7:15 staat de belofte dat Gods verbondstrouw niet van het huis van David zal wijken, zoals wel gebeurd is bij het huis van Saul. 37 Vgl. Jes.40:8; 45:23. 38 ‘Eén ding’ geeft de kern aan, vgl. Ps.27:4; Joh.9:25. Letterlijk staat er ‘Indien ik lieg tegen David,...’ waarbij de consequenties niet worden ingevuld, zoals vaker
Studiebijbel
magazine
23
Voorpublicatie
Heeft u een club blad, pageflip of etijdschriften? Gebruik Online Touch: krant digitaal publiceren.
Studiebijbel Lees publicatie 27Home