Nieuwe oogst

Actualiteiten

Leven na de dood

Thema artikel

Leven na de dood
in het

Oude Testament (2)

- Door Mart-Jan Paul -

In het OT sterven de gelovigen ‘verzadigd van het leven’ in Gods gunst. Er is echter geen sprake van een ‘hemel’ of beschrijving van een gelukzalig bestaan na de dood. De gebruikelijke tegenstelling is: een leven in Gods gunst tegenover een leven onder zijn oordeel.

De betekenis van een begrafenis
magazine

26 2
Studiebijbel

In het boek Genesis staan diverse begrafenissen vermeld. Blijkbaar zijn die van groot belang, al staat de reden er niet bij vermeld. Is het begraven slechts een eerbetoon aan de overledene? Of is deze handeling bedoeld ter bescherming van het lichaam tegen wilde dieren? Of heeft een begrafenis te maken met het toevertrouwen aan de aarde waaruit de mens genomen is? (Gen.2:7). In later tijd is begraven in joodse en christelijke kring een teken van het toevertrouwen aan de aarde met het oog op de opstanding uit de dood. Daarom werd crematie als een vorm van vernietiging afgewezen en is het van belang voor de graven van de voorouders te zorgen (vgl. Neh.2:3).

Zoals we zagen, is er reeds in Genesis sprake van sjeool en van een verblijf hierin, terwijl de patriarchen op hoge leeftijd sterven en verzameld worden bij hun vaderen. Hoe dit ook precies uitgelegd wordt, er is een besef van leven na de dood. Daarom valt ook te overwegen dat het begraven een daad van geloof en gehoorzaamheid is: het lichaam wordt teruggegeven aan de Schepper. Voor de gelovigen is er de verwachting dat Hij nabij zal zijn, ook in het leven na de dood. Wanneer God zelf Mozes begraaft (Deut.34:6), zal dit een grotere betekenis hebben dan dat niemand het graf mag weten, ook al staat die verdere betekenis niet vermeld in het verslag. Het grote belang van een goede begrafenis komt ook naar voren in de negatieve waardering van een situatie waarin geen begrafenis plaatsvindt. Uit het huis van Jerobeam zal alleen de jonge Abia begraven worden (1Kon.14:13); koningin Izebel wordt door de honden gegeten (2Kon.9:10,35). Jeremia kondigt als oordeel aan dat mensen niet begraven zullen worden; zij zullen een zogenaamde ‘ezelsbegrafenis’ krijgen (8:2).

Henoch

In de geslachtslijst van Gen.5 staat een korte vermelding van Henoch. Hij wandelde met God ‘en hij was niet meer, want God nam hem weg’ (vs.24). Hij leefde korter dan de andere personen die in de lijst genoemd worden. Henoch heeft iets anders ervaren dan de normale dood. Dat wordt bevestigd door de woorden ‘want God nam hem weg’, ook gebruikt bij Elia’s hemelvaart in een vurige wagen (2Kon.2:110). Het getuigenis over Henoch spreekt niet over een eeuwig leven na de dood (dat komt pas later in de geschiedenis), maar wel van een bewaard worden buiten het bereik van de dood

Leven na de dood

Interactieve digitale jaarverslag, deze club blad of studiegids is levensecht online geplaatst met Online Touch en bied het converteren naar een digitale publicatie van digi clubmagazines.

Studiebijbel Lees publicatie 27Home

You need flash player to view this online publication