Minder vrije tijd, even vaak eropuit Sinds 1975 is de omvang van de vrije tijd met gemiddeld ruim drie uur per week gekrompen van 47,9 uur naar 44,7 uur per week. Dit is een direct gevolg van het feit dat meer mensen, vooral vrouwen, werken. Het aantal uren vrije tijd dat mensen buitenshuis doorbrengen bleef de afgelopen 30 jaar echter gelijk (17,4 uur). Het is overigens niet dat de participatie aan uithuizige vrijetijdsactiviteiten is toegenomen. Die schommelt al dertig jaar rond de 90%. maar mensen die deze activiteiten ondernemen, zijn hier meer tijd aan gaan besteden. vooral aan sportieve recreatie, het bezoek aan horeca en overige recreatieve activiteiten zoals het dagje pretpark of dierentuin wordt meer tijd besteed. waarom sommigen er vaker opuit gaan dan anderen in 2008/’09 waren Nederlanders gemiddeld circa zes keer per week minimaal 1 uur van huis voor vrijetijdsdoeleinden. Grote verschillen zijn er onder meer tussen de 6-12-jarigen met 351 activiteiten per jaar, en de 35-44-jarigen met 260 activiteiten per jaar. van de mensen met weinig vrije tijd (36 uur per week of minder) ondernemen vrouwen, alleenstaanden, gezinnen met jonge kinderen en kinderen die nog thuis wonen relatief veel vrijetijdsactiviteiten buitenshuis. mensen die meer rekening moeten houden met anderen en meer moeite ervaren bij het plannen van hun vrijetijdsactiviteiten, gaan er minder vaak opuit. De meeste Nederlanders zijn tevreden over de balans tussen de vrije tijd die zij thuis en die zij buitenshuis besteden. een derde van de Nederlanders wil er vaker opuit maar komt daar niet aan toe door gezondheidsproblemen, een beperkt sociaal netwerk of doordat jonge kinderen hen aan huis binden. Hoeveelheid vrije tijd en uithuizigheid van Nederlanders, in uren per week vrije tijd w.v. thuis w.v. buitenshuis 1975 47,9 30,5 17,4 1980 47,0 30,5 16,4 1985 49,0 31,1 17,9 1990 47,2 29,6 17,3 1995 47,3 28,7 18,5 2000 44,8 28,5 16,3 2005 44,7 27,0 17,4 Tabel 1 % uithuizige vrije tijd Bron: SCp 36 35 37 37 39 36 39 vrijetijdsactiviteiten van ouderen Ouderen beschikken over het algemeen over veel vrije tijd (58,5 uur per week). De 65-74-jarigen gaan er in die vrije tijd vaak op uit: 352 keer per jaar. Daarna daalt de vrijetijdsfrequentie fors: 75-plussers ondernemen per jaar 273 vrijetijdsactiviteiten. er is een onderscheid tussen vitale ouderen die relatief veel vrijetijdsactiviteiten buitenshuis ondernemen en kwetsbare ouderen, maar ook volwassenen, die daar door gezondheidsklachten of andere beperkingen niet meer toe in staat zijn. Ouderen van nu zijn actiever in de vrije tijd en trekken er meer opuit dan ouderen van vroeger. Bovendien zetten de huidige ouderen hun actieve vrijetijdspatroon tot op hogere leeftijd voort. Activiteiten naar levensloop De voorkeur voor het soort vrijetijdsactiviteiten verschuift gedurende de levensloop. Ouders met jonge kinderen sporten minder vaak en gaan minder vaak uit dan volwassenen (tot 35 jaar) zonder kinderen. in plaats daarvan ondernemen zij meer wandel- en fietstochten en bezoeken vaker de kinderboerderij en de speeltuin. met het ouder worden van de kinderen vertoont het vrijetijdsrepertoire weer meer gelijkenis met dat van voor de komst van kinderen, behalve wat het uitgaansleven betreft. vergelijken we de vrijetijdsrepertoires van mensen die bijna, net, of al wat langer gepensioneerd zijn, dan zien we bijna geen verschillen. Senioren laten een duidelijke voorkeur zien voor recreatieve activiteiten in de natuur. Wel blijven de huidige ouderen vergeleken met eerdere generaties tot op een hogere leeftijd actief in de vrije tijd. nritmagazine 35 Pagina 34

Pagina 36

Heeft u een onderwijs catalogus, uniflip of online catalogussen? Gebruik Online Touch: weekblad naar een online publicatie omzetten.

NRIT Magazine Lees publicatie 141Home


You need flash player to view this online publication